3 PR-lessen van de AI Expo

Onlangs bezocht ik de AI Expo om inspiratie op te doen over hét technologiethema van nu: kunstmatige intelligentie. Elk bedrijf lijkt er iets mee te willen doen, maar niemand weet precies wat – laat staan hoe. Datzelfde zien we terug in de PR en marketing, waar je wordt doodgegooid met vage claims over deze populaire nieuwe technologie. Lees hier hoe je beter communiceert over dit complexe thema.

De AI Expo werd gecombineerd met twee andere beurzen, namelijk de IoT Tech Expo en de Blockchain Expo. Meer dan 8.000 bezoekers kwamen naar de Amsterdamse RAI (die overigens zelf ook een AI-toepassing lanceerde) om te horen hoe deze innovatieve techtrends de wereld gaan veranderen, maar met name ook welke kansen ze bieden voor hun bedrijf. Roepen dat je als organisatie ‘iets doet’ met AI, blockchain of IoT is niet nieuw meer. Inmiddels moet je vanuit PR-perspectief echt met een inhoudelijk verhaal komen. Ook al was PR geen thema op de beurs, toch geef ik hier graag wat algemene ‘lessons learned’ over hoe je als bedrijf je geloofwaardigheid behoudt als je met deze hippe techtrends aan de slag gaat.

1. Wees realistisch en helder

Bij de term AI (artificial intelligence) wordt er door de meeste mensen al snel gedacht aan computers die menselijke intelligentie evenaren, en allerlei taken kunnen uitvoeren met een veel hogere snelheid, precisie en continuïteit dan wij. In de praktijk zijn er twee varianten: General AI (de menselijke robot) en Applied AI (slimme, deels zelfstandig werkende systemen). De eerste variant bestaat nog niet, waardoor je nog niet hoeft te hopen op een virtuele vriendin met de stem van Scarlett Johansson of een robotkind. Experts verwachten dat deze vorm van AI nog wel twintig tot honderd jaar op zich laat wachten. De futurist Ray Kurzweil is optimistischer en voorspelt dat een AI al in 2029 de turingtest zal doorstaan.

Applied AI is een stuk realistischer en wordt nu al toegepast. Deze toegepaste vorm van kunstmatige intelligentie staat voor slimme, geautomatiseerde systemen die geoptimaliseerd zijn voor specifieke taken, zoals aandelen- en valutahandel, gepersonaliseerde advertenties of bedrijfsprocessen. En daarnaast is er nog machine learning, een specialisme dat onderdeel is van AI. Hierbij worden kunstmatige neurale netwerken met enorme hoeveelheden data getraind om data te classificeren en patronen te ontdekken. Dit wordt op grote schaal gebruikt voor toepassingen als spraak- tekst-, en beeldherkenning, voorspellende analyses, maar ook e-mailfilteren en cybersecurityanalyse.

Ga je als bedrijf aan de slag met AI, dan is het van groot belang dat je helder communiceert over de vorm van AI die je gebruikt, en wat je er precies mee van plan bent. Blijf dus niet hangen in algemeenheden of futuristische toekomstbeelden, maar leg uit wat je concreet met AI gaat doen. Dit komt je geloofwaardigheid ten goede, het straalt expertise uit, en je schept hiermee geen onrealistische of verkeerde verwachtingen.

2. Bedenk welk probleem je ermee oplost

De allergrootste fout je die je kunt maken, is investeren in een nieuwe technologie zonder een duidelijk plan. Ofwel: meegaan in de hype van de belofte, zonder strategie, en zonder te begrijpen of het realistisch is dat je concrete probleem ermee wordt oplost. Je kunt over een complex onderwerp als AI niet zomaar concluderen dat je er als bedrijf op korte termijn beter van wordt. Ook is het heel lastig om in te schatten welke investeringen en inspanningen ervoor nodig zijn om het überhaupt te implementeren. De kosten voor AI kunnen namelijk behoorlijk in de papieren lopen, en daarnaast mislukken veel kostbare AI-projecten. Toch lees je aan de lopende band berichten in de media over bedrijven die AI-chatbots toevoegen aan hun klantenservice, machine learning-algoritmes loslaten op hun big data-archieven, of datawetenschappers in dienst nemen.

Veel van deze initiatieven zijn echter vooral gedreven door opportunisme en marketing. Er zit geen heldere strategie achter, en de ‘waarom’-vraag uit de populaire TED-talk van Simon Sinek is duidelijk niet gesteld. In veel gevallen bieden traditionele analytics- of management-tools misschien een veel realistischer alternatief. Natuurlijk kan AI-technologie nu of in een later stadium een grote meerwaarde hebben voor bedrijven, en je dat mag je ook best erkennen in media-uitingen. Maar bedenk hierbij eerst goed welk probleem je er eigenlijk mee wilt oplossen, hoe je er als organisatie beter van wordt, en welke impact het heeft op de dienstverlening aan je klanten. Dan pas heb je een geloofwaardig verhaal.

3. Belicht de zonnige kant van AI

Voor elk bedrijf is verandering lastig, of het nu gaat om organisatorische of technologische zaken. AI wordt door veel grote multinationals gezien als de heilige graal, omdat zij hierdoor vele malen efficiënter, ondernemender en misschien zelfs creatiever kunnen worden. Maar voor de gemiddelde werknemer kan de aankondiging dat het bedrijf AI gaat inzetten overkomen als een keiharde bedreiging voor zijn werkgelegenheid. En dat is slechts het topje van de ijsberg qua einde-der-tijden-scenario’s. Niet voor niets is er een groeiende beweging die heel kritisch kijkt naar de opkomst van kunstmatige intelligentie en de gevolgen voor de mensheid. Zo waarschuwde Stephen Hawking in zijn laatste levensjaar dat AI de mensheid kan vernietigen, en Tesla- en SpaceX-ceo Elon Musk richtte de non-profit OpenAI op, met als doel de mensheid te behoeden voor de negatieve effecten van zelfdenkende machines.

AI brengt dus veel verschillende sentimenten met zich mee, waardoor je er als organisatie heel zorgvuldig over moet communiceren. AI is moeilijk te vatten, en wat mensen niet begrijpen, wantrouwen ze. AI biedt vooral kansen voor bedrijven die in normale mensentaal kunnen uit leggen wat het kan, waarom het handig is en waarom het een verbetering is. Benadruk de positieve effecten van AI en ontzenuw angsten over zaken als werkgelegenheid. Belicht de zonnige kant, en zorg ervoor dat zowel je organisatie als je mensen er beter van worden. Een bedrijf als Microsoft loopt hiermee voorop met campagnes als ‘AI for good’, waarbij de combinatie van AI, mensheid en samenleving wordt gepresenteerd als een kans om de wereld te verbeteren op gebieden als onderwijs, milieu en de gezondheidszorg.

Benieuwd hoe we jou kunnen helpen beter te communiceren over AI? Stuur me gerust een berichtje op onno@lubbersdejong.nl.

Lubbers De Jong doet mee aan de Dam tot Damloop en sponsort Stichting Phéron

Voor de twaalfde keer op rij staat Lubbers De Jong met een team van journalisten en relaties aan de start van de Dam tot Damloop. Zondag 23 september klinkt het startschot en gaan de dertig lopers – aangemoedigd door vele supporters – op weg naar Zaandam, en wellicht naar een nieuw persoonlijk record. Dit jaar loopt het team van Lubbers De Jong bovendien voor een goed doel: Stichting Phéron. Deze stichting zet zich in om ouders te steunen die tijdens de zwangerschap of rond de bevalling hun baby hebben verloren.

Afgelopen jaar overleden in Nederland gemiddeld vijf baby’s per dag voor, tijdens of na de bevalling. Stichting Phéron wil deze ouders steun bieden door onder andere:

  • De ouders voor te lichten en te inspireren over de mogelijkheden na het verlies van een baby en rondom het afscheid.
  • Het vergroten van het bewustzijn over de impact van babyverlies door kennisdeling van ervaringsdeskundigen.
  • De ouders ondersteunen na het afscheid door het aanbieden van coaches en het verzorgen van ontmoetingsmiddagen voor lotgenoten.
  • Zorgverleners voor te lichten op het gebied van omgang met ouders.

Memory box

De grootste pijler van de stichting is de Phéron Memory Box. Deze doos bevat herinnerings- en troostitems om ouders na het overlijden van hun baby te steunen. Hierbij kun je bijvoorbeeld denken aan een kleiset voor handafdrukjes, een bewaardoosje en gehaakte knuffels. In een periode van (onverwachts) verlies, zijn deze hulpmiddelen in het bijzonder van belang in een later stadium van het rouwproces. De boxen worden momenteel via 25 ziekenhuizen uitgegeven, waaronder het Sint Antonius in Sneek, het Martiniziekenhuis in Groningen, het Leids Universitair Medisch Centrum, het Diakonessenhuis in Utrecht, het AMC in Amsterdam en het Amphia in Breda.

Paul en Sharon, de ouders van Phéron en oprichters van de stichting, kwamen op dit idee na het overlijden van hun zoon. Voor hen was er toen weinig nazorg, terwijl deze korte periode tussen geboorte en afscheid de enige periode is waarin ouders herinneringen van hun kindje kunnen opbouwen. Die nagedachtenis houd je beter en liefdevoller vast als je iets tastbaars hebt. Een jaar na het overlijden van Phéron was de stichting een feit. En nu, vier jaar later, worden er evenementen georganiseerd ten bate van de stichting, zoals de Run for Phéron, haakavonden en een landelijke collecte.

Sponsoractie

Eén van de lopers van het Damloopteam en zijn partner verloren in november 2016 hun kindje halverwege de zwangerschap. Inmiddels zijn zij vrijwilliger van de stichting en kwamen met het idee voor deze sponsoractie. Het team van Lubbers De Jong draagt dit stel en de stichting een warm hart toe en hoopt zondag 23 september een mooi bedrag bij elkaar te lopen. Stichting Phéron is geheel afhankelijk van vrijwilligers, donaties en sponsoren – en kan dus alle financiële steun gebruiken. Wil je het Dam tot Damloop-team en daarmee de Stichting Phéron sponsoren? Ga dan naar: https://stichtingpheron.digicollect.nl/lubbers-de-jong.

Playful learning: van een genadeloze afstraffing leer je het meeste

Kinderen, volwassen en zelfs senioren: iedereen gamet tegenwoordig. Meestal ter ontspanning, maar ook steeds vaker om te leren. Medische opleidingen, het zakenleven en het basisonderwijs maken allemaal al gebruik van ‘playful learning’. Afgelopen woensdag legde Evert Hoogendoorn bij Digital Wednesday uit waarom dat zo goed werkt. Naast zijn werk als strateeg en game designer bij IJsfontein is hij een dag per week docent bij de HKU. Een man met kennis van zaken, kortom!

Om gelijk met de deur in huis te vallen: wat is playful learning?
‘Het is een vorm van leren waarbij we vooral op het gedrag focussen. Televisie kijken en lezen zijn bij uitstek voorbeelden van ‘lean back’ ervaringen, waar de informatie over je wordt uitgestort – je ontvangt dan alleen. Gaming is een voorbeeld van ‘lean forward’, waarbij je zelf ook actief moet deelnemen. We geven dus niet aan wat je moet leren of wat je moet doen. In plaats daarvan zetten we een wereld neer waarin je dit als speler zelf mag ontdekken. Zo kan je het gedrag ook gelijk bijsturen, dat werkt heel goed. De beste manier om te leren hangt van het onderwerp af. Leren fietsen doe je in de praktijk, niet via een boek. En gaming helpt ook om bepaalde skills te ontwikkelen.’

Welke opleidingen sluiten daar goed bij aan?
‘We maken veel games voor het medisch onderwijs. Je kan dan denken aan het diagnosticeren van bepaalde ziektes. Hoe moet je handelen, hoe maak je een behandelplan voor de komende dagen, dat soort zaken. De resultaten zijn vrij eenduidig: het leren diagnosticeren gaat via game precies even goed als via een instructievideo. Het selecteren van de juiste medicijnen gaat ietsje beter met een game game, al scheelt dat niet veel. Maar het kunnen bedenken hoe de ziekte van een patiënt zich gaat ontwikkelen in de komende dagen, met onvoorspelbare beslisbomen, dat gaat in een game heel veel beter.’

Waar komen die goede resultaten uit voort?
‘Het gaat om de manier van denken, in games word je echt geactiveerd. En als je iets fout doet krijg je gelijk feedback, net zo lang tot je het goed doet. Denk maar aan Mario – je wordt genadeloos afgestraft als het niet goed gaat. Die korte feedbackloop is enorm waardevol. Een collega van mij is dat ook in de praktijk gaan toepassen. Zijn leerlingen mochten het proefwerk zo vaak maken als ze wilden, als ze uiteindelijk maar een tien zouden halen. Na het maken gaf hij steeds gelijk feedback, zodat ze wisten waar ze de mist in waren gegaan. Ook jongens die altijd onvoldoendes haalden kropen langzaam op. Uiteindelijk heeft iedereen die tien gehaald.’

Worden al jullie games op dezelfde manier opgezet?
‘De achterliggende gedachte is vaak hetzelfde, in die zin dat we mensen op actieve wijze laten leren. Maar het wisselt per spel enorm hoe we dat doen. Een medisch student of een museumbezoeker brengen hele andere interesses en mogelijkheden met zich mee. Een museumbezoek is veel vluchtiger, daarin moet je in korte tijd heel veel facetten meenemen. De musea uit mijn jeugd, daar accepteerde je dat je naar dingen ging kijken en dat er iemand wat uitlegde: ‘lean backward’. Bij mijn kinderen zie ik nu dat ze er vanuit gaan dat ze in een museum ook echt iets kunnen doen. Dan kan je niet met een bordje volstaan. Je moet echt iets op poten zetten.’

Kan je een voorbeeld geven?
‘In het openluchtmuseum van Arnhem hebben we games en interactieve installaties ontworpen voor de verschillende canonvensters van de geschiedenis van Nederland. Neem bijvoorbeeld de Tachtigjarige Oorlog, dan is er ook een stukje waarin je een musket kan laden. Nadat je een keer geschoten hebt moet je vervolgens weer tien minuten puzzelen. Dan besef je als bezoeker pas echt hoe lang dat eigenlijk duurde, veel meer dan als je er alleen over leest. Er is ook een stukje over kinderarbeid – kinderen moesten vroeger voor het bakken van klei en porselein hele zware materialen naar de oven dragen. Dat laten we bezoekers ervaren door ze ook echt iets zwaars te laten dragen. Die objecten hebben een sensor die meet of je die stapel te schuin houdt. Alles kan dus kapot vallen als je onvoorzichtig bent. Door zelf te sjouwen merk je pas echt hoe zwaar die kinderen het hadden.’

Je maakt de ervaring dus tastbaar?
‘Het draait allemaal om ervaren. Natuurlijk kunnen we ons tot op zekere hoogte wel verplaatsen in een ander: ik kan wel ongeveer bedenken hoe een bakker zijn brood bakt als ik daar over lees. Je krijgt alleen niet alle facetten mee. Soms is dat niet erg, maar soms is het wel een gemis. Neem nou schuldgevoel, dat kan een hele belangrijke factor zijn in de besluitvorming. In andere media leef ik me in, dan kan ik me voorstellen dat iemand zich schuldig voelt. In een game kan ik me zelf echt schuldig voelen omdat je dan zelf de keuzes maakt. Stel je bijvoorbeeld voor dat je levels lang voor een hond hebt gezorgd, en dan krijg je ineens de keuze om hem achter te laten. En als je dat doet gaat hij dood. Als je net helemaal op bent gegaan in de wereld van een spel, dan doet dat echt wel wat met je. Zo kunnen we artsen in een sandbox-omgeving om leren gaan met ethische dillema’s. Het maakt de realiteit echt tastbaar en de les wordt daarmee veel waardevoller.’

Klant aan het woord: Patrick Brand, marketingmanager bij Interxion

In deze rubriek laten we maandelijks één van onze klanten aan het woord. Ditmaal zetten we Interxion, de grootste datacenterleverancier van Europa, in de schijnwerpers. Patrick Brand is marketingmanager bij het bedrijf.

Wat doet Interxion en wat maakt jullie uniek?
‘Interxion (spreek uit: interaction) exploiteert 50 datacenters in 11 landen in Europa. Bedrijven kunnen er ruimte huren voor hun apparatuur en verbinding leggen met telecompartijen en andere bedrijven. Interxion is niet uniek, maar er zijn wel maar één of twee partijen wereldwijd die onze kwaliteitsstandaarden kunnen evenaren. We voldoen aan de zwaarste eisen op het gebied van energie-efficiëntie en beveiliging en hebben meer dan tweehonderd internetexchanges en connectiviteitsproviders in huis. Klanten zijn bij Interxion verzekerd van directe en ultrasnelle verbindingen naar alle plekken ter wereld. Door die hoogwaardige dienstverlening zijn we interessant voor een hele specifieke cliëntèle: in onze panden staan een aantal van de grootste internetbedrijven ter wereld.’

Wat willen jullie met PR bereiken?
‘Het is ons vooral om naamsbekendheid en reputatie te doen. Interxion is een kwaliteitsmerk en dat willen we graag uitstralen. Wanneer journalisten schrijven over de digitale infrastructuur van Nederland, de groei van de datacentersector of het succes van Nederland als vestigingsland voor IT-bedrijven moeten ze aan Interxion denken. Interxion speelt een sleutelrol om zoiets als ‘het internet’ mogelijk te maken, en dat is bijzonder. Overigens is naamsbekendheid niet ons enige doel. We organiseren en sponsoren events en partners en hebben een contentstrategie die tot directe leads leiden.’

Wat voor campagnes doen jullie om die doelstelling te bereiken?
‘We profileren ons vooral met de digitale infrastructuur en de groei van de sector. Als grote buitenlandse internetpartijen van onze datacenters gebruikmaken, verbinden we daar campagnes aan. Mooi voorbeeld is Bamtech, een videostreamingplatform dat begin dit jaar de deuren van z’n Europese hoofdkantoor opende. Samen met Lubbers De Jong hebben we plannen gemaakt om de komst van deze technologiegigant onder de aandacht te brengen. De meeste media-aandacht krijgen we echter met de groei van ons bedrijf. Interxion investeert met regelmaat in de bouw van nieuwe datacenters en nieuws op dit gebied is altijd interessant, omdat dit soort investeringen ten faveure komen van de BV Nederland.’

5 tips om meer uit je bedrijfsvideo’s te halen

Video speelt een steeds grotere rol in de marketingstrategie van bedrijven. Logisch, want de voordelen zijn evident. Een bedrijfsvideo biedt de mogelijkheid om een boodschap op een aantrekkelijke manier over te brengen en trekt sneller de aandacht dan een geschreven tekst. Om deze voordelen te benutten is het echter wel noodzakelijk dat mensen je video’s ook daadwerkelijk bekijken. En daar gaat het nog weleens mis…

In de 5 jaar dat ik nu video’s maak voor bedrijven heb ik het regelmatig voorbij zien komen. Na een intensief project met veel tijd en moeite van beide partijen is er een mooie video gerealiseerd waar het hele bedrijf trots op is. En daarna… niets. Twintig views in de eerste week – allemaal afkomstig van eigen medewerkers – en de dagen erna misschien nog vijf extra. Uhm, waarom hadden we die video ook alweer gemaakt? Om dergelijke situaties te voorkomen, kijken we bij Lubbers De Jong altijd verder dan alleen het maken van een mooie video. Een mooie video die goed bekeken wordt en resultaat oplevert – voor minder doen we het niet. Op basis van onze videostrategie deel ik graag de volgende 5 tips met je.

1. Bepaal duidelijke doelstellingen

Je maakt geen video omdat je graag een video wil maken. Je maakt een video omdat je iets wil bereiken. Wil je een lastige boodschap helder uitleggen? Wil je nieuwe werknemers aantrekken of meer traffic op je website? Zorg ervoor dat je vooraf duidelijke doelstellingen bepaalt. Je video’s worden er beter van en meer mensen zullen ze bekijken.

2. Neem risico

Wat geldt voor veel andere marketingprojecten, gaat zeker op bij video: wees niet bang en neem risico. Probeer op te vallen. Maak het persoonlijk. De wereld kent al genoeg saaie video’s en vooral in ‘onze’ tech-scene zijn ze er goed in. Een kalende man in een blauw pak die op zakelijke toon praat over digitale transformatie – erg lang hoef je er waarschijnlijk niet naar te zoeken. Als die meneer echter een persoonlijk verhaal vertelt, is de video al een stuk leuker om te kijken. Of je sponsort het NK Server Werpen en maakt daar een video over – zoals onze klant Interxion deed.

3. Knip je video in stukken

Het maken van een video hoeft niet perse te resulteren in één eindproduct. Vaak zijn er allerlei mogelijkheden om de video op meerdere manieren in te zetten en zo meer bereik te genereren. Neem een videoverslag van een event, waarin meerdere bezoekers worden geïnterviewd. Nadat de video is gemaild naar alle bezoekers, is het interessant om die interviews ook als losse video’s via LinkedIn of de eigen site te delen, zoals onze klant CoolProfs heeft gedaan. Bovendien kun je van alle shots die tijdens het event zijn geschoten zo weer een korte teaser monteren voor een volgende bijeenkomst. Twee – of drie – vliegen in één klap.

4. Zet een advertentiecampagne via social media op

Het delen van een video op social media is voor de meeste bedrijven een no-brainer. Maar is het genoeg? Via je bedrijfspagina en de accounts van je medewerkers bereik je nooit alle mensen uit je doelgroep, terwijl die kansen er op social media wel zijn. Het opzetten van een advertentiecampagne is dé manier om die kansen te benutten. Via LinkedIn en Facebook kun je veel bereik genereren en een heel specifieke doelgroep benaderen, op basis van bijvoorbeeld functietitels of interesses. Zo deed onze klant Mimaki dat bijvoorbeeld met een teaservideo in de aanloop naar een belangrijke beurs.

5. Denk verder dan één video

We adviseren bedrijven vaak om – vanuit marketingperspectief – meer als een uitgever te denken. Dat gaat ook op voor video. Eén video is namelijk leuk en kan veel opleveren, maar een langlopende videoserie sorteert meer effect. Stel dat je je directeur wil positioneren als ´thought leader´ op een bepaald vakgebied, waarom laat je hem of haar dan niet maandelijks een andere expert in dat vakgebied interviewen en leg je dit vast op video? Zo heb je maandelijks terugkerende interessante content, die op meerdere manieren inzetbaar is (zie ook tip 3).

SPECIALE VIDEO-ZOMERACTIE

Benieuwd hoe we jouw bedrijf op videogebied verder kunnen helpen? We helpen je graag! Deze zomer doen we dat zelfs voor niks. Dat werkt zo: als je in juni en juli een videoproductie bij ons afneemt, krijg je de videostrategie er gratis bij. Stuur me een mailtje op juliette@lubbersdejong.nl voor meer informatie.

Wat Lubbers De Jong doet aan privacy en de AVG

Het zal je niet ontgaan zijn. Afgelopen 25 mei 2018 ging de AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming) van kracht. In het Engels staat deze wet ook wel bekend als GDPR (General Data Protection Regulation). Deze wet hanteert strengere regels die burgers meer rechten geven over hun persoonsgegevens. Daarnaast krijgen Europese privacytoezichthouders, zoals de Autoriteit Persoonsgegevens (AP), meer bevoegdheden om bedrijven boetes op te leggen in het geval van onzorgvuldigheid of datalekken.

Onze voorbereiding op AVG

Om onze eigen organisatie zo mogelijk voor te bereiden op deze nieuwe wet, woonden wij een AVG-workshop bij, speciaal ingestoken op de pr-branche. Ik laat hieronder kort zien welke maatregelen Lubbers De Jong heeft getroffen om de gegevens van onze klanten te beschermen.

  • Wij hebben onze cookie melding en cookiebeleid aangepast volgens de regels van de AVG.
  • Vanaf 25 mei 2018 moesten wij, net als iedere andere organisatie, voldaan hebben aan de zogeheten documentatieplicht. Dit is het opstellen van een privacybeleid (intern) en een privacyverklaring (voor extern gebruik van data) die beide ‘AVG-proof’ zijn. Hier vind je de privacyverklaring van Lubbers De Jong.
  • Per 25 mei zijn wij verplicht om onderlinge afspraken over dataverzameling vast te leggen middels een verwerkersovereenkomst. Dit is een contract dat vragen over data overzichtelijk beantwoordt. Denk hierbij aan vragen als ‘wat voor data verwerken wij, met welk doel, waar slaan we dit op, met wie delen we deze gegevens?’ Wij hebben een model verwerkersovereenkomst voor onze klanten opgesteld, aangaande de gegevens die wij in opdracht van deze klanten verwerken. Iedere klant van Lubbers De Jong ontvangt in de komende weken een verwerkersovereenkomst van zijn of haar contactpersoon, voor akkoord. Als je al eerder inzage in onze overeenkomst wil, stuur dan een mail naar maite@lubbersdejong.nl. Wanneer je zelf een verwerkersovereenkomst hebt opgesteld, zien wij deze graag voor akkoord.
  • Wij hebben alle privacy verklaringen en verwerkersovereenkomsten van tools die wij gebruiken, zoals Word, Dropbox, Google Analytics, Google Drive en Mailchimp geaccordeerd. Deze bedrijven zijn namelijk verplicht te voldoen aan de Europese data wetgeving. Het is daarom noodzakelijk om te accorderen zodat wij deze tools veilig kunnen blijven gebruiken. Als je zelf ook deze tools gebruikt, vergeet dan niet alsnog hun privacy statement, algemene voorwaarden en verwerkersovereenkomst te accorderen als je dat niet niet hebt gedaan.

Wist jij dit over de AVG?

  • De AVG biedt het recht om vergeten te worden. Mensen mogen privacygevoelige data laten verwijderen uit de systemen van een bedrijf. Bedrijven moeten dit faciliteren en in staat zijn om de persoonsgegevens volledig te wissen.
  • Journalisten zijn niet verplicht zijn om aan alle datavoorschriften te voldoen, wegens de persvrijheid. Overigens gelden deze regels uitsluitend voor journalistiek werk en artikelen. Voor niet-journalistieke content, zoals blogs, webteksten en social content, gelden wel de regels van de AVG.
  • Het verlies van een werktelefoon wordt als een ‘datalek’ beschouwd.
  • Het gebruik van memorysticks met gegevens kan worden bestempeld als ‘risicovol’ en wordt door sommigen in het kader van de AVG afgeraden.
  • In het kader van AVG wordt een clean desk policy aanbevolen. Dit houdt bijvoorbeeld in dat men geen klant of medewerker gegevens of kopieën van legitimatie of wachtwoorden op bureaus laat liggen maar veilig opbergt in lades met slot.

Meldplicht datalekken

Als een bedrijf constateert dat er een ernstig datalek heeft plaatsgevonden, is het verplicht om daar melding van te maken bij de Autoriteit Persoonsgegevens (AP). Die zal vervolgens een onderzoek starten om uit te zoeken of het datalek te wijten is aan gebrekkige beveiligingsprocedures.

Vragen over de AVG?

Heb je vragen of zijn er onduidelijkheden over dit artikel of onze AVG-maatregelen? Neem dan contact met ons op via maite@lubbersdejong.nl.

Klant aan het woord: Dingeman Leijdens, directeur en oprichter van TJIP

In deze rubriek laten we maandelijks één van onze klanten aan het woord. Ditmaal zetten we TJIP, The Platform Engineers uit Delft, in de schijnwerpers. Dingeman Leijdens is algemeen directeur en oprichter van het bedrijf. Het IT bedrijf ontwikkelt Business Platforms voor grote banken en verzekeraars door heel Nederland. 

Wat doet TJIP en wat maakt jullie uniek?
´TJIP werkt als ICT-bedrijf al jaren aan innovatieve oplossingen voor de verzekeringsbranche, van back-officesystemen tot digitale portals. Van oudsher hebben we met name financiële instellingen en verzekeraars als klanten, maar ons bedrijf krijgt ook steeds meer voet aan de grond in andere sectoren. Wat ons goed maakt? Het klinkt een beetje simpel, maar we hebben gewoon hele goede mensen in dienst. Onze Software Engineers, Projectmanagers en Consultants zijn ontzettend goed in het omzetten van specifieke klantbehoefte naar concrete producten. Wij zijn ervan overtuigd dat bedrijven die succesvol zijn durven te ondernemen. Ze staan open voor nieuwe ideeën, denken groot en gebruiken de schaalbaarheid en intelligentie van nieuwe technieken om een directe brug te slaan met klanten, collega’s en partners. Wij gaan samen met hen deze uitdaging aan.´

Onlangs hebben jullie je positionering aangepast. Vertel daar eens wat meer over?
´We hebben samen met Lubbers De Jong gezocht naar een eenduidige boodschap voor ons bedrijf en een manier om onze kernwaarden, visie en missie te kaderen. Uiteindelijk zijn we gekomen op TJIP als ‘The Platform Engineers’. We willen de brug zijn tussen mens en techniek en de platforms die wij bouwen functioneren daarbij als de verbindende factor. Daarnaast investeren we in platforms als ‘The Platform Investors’ en hebben we drie pijlers geformuleerd die we beschouwen als het fundament van onze propositie; strategize & fund, buy & build en operate & innovate. Hierbij ligt de focus op de ontwikkeling, investering en exploitatie van platforms: voor klanten, met partners of volledig in eigen beheer.´

Onderdeel van de nieuwe positionering is jullie Innovation Lab. Wat houdt dat precies in?
´Het lab is aan de ene kant met techniek spelen, maar anderzijds ook vooral een brug slaan tussen die techniek en de toepassingen ervan in de praktijk. De financiële markt is enerzijds heel innovatief, maar veel veranderingen komen maar moeizaam tot stand in grote organisaties. Daarom zie je veel maatschappijen ook participeren in start-ups. Omdat we niet geloven in scherpe scheidingen tussen intern en extern, laten we de wereld graag binnen en delen we kennis met de buitenwereld via ons Innovation Lab. We experimenteren hier met innovaties die op de lange termijn bepalend kunnen zijn voor onze klanten en denken wij na over de rol die TJIP in deze veranderprocessen zal gaan hebben. Het samen zoeken naar nieuwe mogelijkheden en kansen is dus een belangrijk speerpunt van dit lab. Sinds de live gang van het lab begin dit jaar zijn de eerste samenwerkingen en experimenten al in gang gezet. We hopen dat er nog vele zullen volgen.´

Voetbalplaatjes sparen gaat met zijn tijd mee: een kijkje in de keuken bij Jumbo

Sparen voor een gratis boodschappenpakket, zegels plakken voor servies of een dagje uit: loyaliteitscampagnes zijn een beproefd concept in het supermarktwezen. Bij Jumbo gaan ze een stapje verder, door programmatic marketing los te laten op een recentelijk voltooide verzamelcampagne. Tijdens de aanstaande Digital Wednesday presenteert Cees Hannema, Marketing Manager bij Jumbo, alle ins en outs van deze, voor een DIA-award genomineerde casus. Wij konden echter niet wachten, en vroegen hem alvast een tipje van de sluier te lichten…

Leuk je te spreken Cees! Voetbalplaatjes sparen doet het altijd goed he?
Klopt, maar we hebben het iets groter willen maken. Want laten we eerlijk zijn: de droom van heel veel kinderen is een carrière als profvoetballer. Die droom hebben we willen laten uitkomen, gekoppeld aan een actie waarbij kinderen Panini-voetbalplaatjes van PSV konden sparen en een Droomdag bij PSV konden winnen. Zo maken we bij Jumbo dromen bereikbaar voor onze klanten. De opzet is op het eerste oog redelijk klassiek: bij je boodschappen ontving je een setje stickers. Maar hier hebben we een flinke dosis 21e eeuw toegevoegd. Met een applicatie kon je namelijk een aantal van de voetbalplaatjes scannen. En deze gaven toegang tot geheime filmpjes van PSV voetballers die een truc uitlegden. Daarnaast maakte je dus kans om mee te doen aan de Droomdag bij PSV.

Klinkt als een campagne met veel verschillende onderdelen….
Klopt ja. Het was een campagne met verschillende fasen. De deelnemers moesten om te beginnen op de hoogte zijn van het feit dat ze bij ons plaatjes kunnen sparen en het album kopen, vervolgens wil je dat ze de app downloaden, daarmee plaatjes laten scannen, en laten weten dat er trucvideo’s verstopt zitten. Ten slotte wilde we duidelijk maken dat onze klanten ook een Droomdag als profvoetballer konden winnen…  Door de campagne in een journey opeenvolgend uit te leggen, werd dat wel heel duidelijk voor ze, gezien de resultaten.

En hoe hebben jullie dat voor elkaar gekregen?
Samen met reclamebureau Mediamonks en Vogon, een targetingproduct van Google. We hebben voor iedere fase in de campagne aparte (advertentie)video’s ontwikkeld. Maar het allermooiste is dat we ervoor hebben gezorgd dat de deelnemers alleen content te zien kregen die paste bij de fase van de campagne waar ze in vielen: iemand die de app had gedownload kreeg bijvoorbeeld geen awareness-content meer te zien, maar alleen video-advertenties die te maken had met scannen van de plaatjes. En iemand die niet in de buurt van de 61 participerende Jumbofilialen in de regio Eindhoven was kreeg trouwens überhaupt geen advertenties: dankzij cookies, geo-targeting, en het gebruik van de app wisten we namelijk precies in welke fase van de campagne mensen zich bevonden! Maar uiteraard vertel ik daar woensdag nog veel meer over…

In ieder geval was het een fraai staaltje digitaal maatwerk dus! En wat heb je uit dit succes geleerd?
Nou, het mooie van digital advertising is dat de mogelijkheden bijna eindeloos zijn. Dat zorgt ervoor dat je heel anders, veel vrijer over campagnes kan nadenken. En ik hoop dat de mensen dat ook meenemen uit mijn presentatie aanstaande woensdag: wanneer je als marketeers een campagne bedenkt, zou je niet moeten beginnen met de techniek. Begin met de vraag: ‘wat zou het beste zijn voor mijn doelgroep’. De technische mogelijkheden rek je daarna wel passend.

Meer weten over deze casus? Aanstaande woensdag vertelt Cees er alles over tijdens Digital Wednesday! Aanmelden kan via deze link.

Lubbers De Jong breidt onlinemarketingteam uit met Maite Wetters

Lubbers De Jong heeft Maite Wetters (38) aangesteld als online marketeer. Met de aanstelling breiden we ons aanbod van online marketingdiensten verder uit.

Maite heeft ruime ervaring in online marketing en communicatie, en wordt verantwoordelijk voor de integratie van pr en online marketing met seo en inbound marketing. De nadruk zal liggen op het inrichten van online sales funnels voor klanten, door de inzet van een online strategie, online advertentiecampagnes en marketing automation.

Na haar studie marketing en sales specialiseerde Maite zich in online marketing aan de Beeckestijn Business School in Leusden. Naast haar werk bij Lubbers de Jong ontwikkelt en creëert zij sinds 2009, samen met haar broer, marketing-ready Wordpress-websites, inclusief seo-geoptimaliseerde content. Maite woont met haar man en twee jonge kinderen in het centrum van Amsterdam.

Peter Keijzer, directeur van Lubbers De Jong: “Met de aanstelling van Maite spelen wij in op de toenemende vraag naar digitale marketing. Onze communicatiespecialisten creëren aandacht met hoogwaardige content en aansprekende verhalen voor klanten, die onze marketeers vervolgens inzetten voor online en offline campagnes. Door de betrokkenheid met het publiek te vergroten door middel van onze online marketingdiensten, kunnen wij onze klanten een meerwaarde bieden.”

Lees hier meer over Maite.

Klant aan het woord: Mark van Wolferen, directeur van B-lay

In deze rubriek zetten we maandelijks een van onze klanten in de schijnwerpers. Ditmaal geven we het woord aan Mark van Wolferen, medeoprichter en directeur van B-lay. Deze Utrechtse specialist in softwarelicentiemanagement helpt grote organisaties wereldwijd met het verkrijgen van inzicht in de financiële risico’s van software en het realiseren van kostenbesparingen.

Financiële risico’s van software… hoe zit dat precies?
‘Net als aan elke andere bedrijfsasset, zoals kantoorgebouwen of fabrieksmachines, zijn er aan software risico’s verbonden. En die risico’s worden steeds groter, nu software meer en meer een centrale plek inneemt in het verdienmodel van organisaties en de uitgaven eraan al jaren stijgen. Deze risico’s hangen vooral samen met de contractuele afspraken die een organisatie met softwareleveranciers maakt. Gebruik je software niet in lijn met de afgesproken gebruiksrechten en voorwaarden, dan kan dat leiden tot megaclaims van partijen als Oracle, SAP, IBM en Microsoft. Afgelopen jaar eiste SAP nog 600 miljoen dollar van de Belgische multinational InBev voor ongeoorloofd gebruik van software. Dat soort financiële ‘verrassingen’ wil je als organisatie voorkomen. Software compliance wordt daardoor een steeds belangrijker thema voor bedrijven.’

Hoe helpen jullie organisaties daar precies bij?
‘Onze rol is echt het creëren van inzicht. Inzicht in de softwarelicenties- of abonnementen die een organisaties heeft, maar ook in de daadwerkelijke installaties, het gebruik én de kosten van software. Zonder dit inzicht is het moeilijk om een claim zoals eerder geschetst te voorkomen, omdat je simpelweg niet weet dat deze eraan komt. Sterker nog, de kans is groot dat een organisatie grote bedragen uitgeeft aan softwareproducten die in de praktijk niet of niet meer gebruikt worden. Wij leggen als het ware een software-administratie aan, vergelijkbaar met een reguliere financiële administratie, zodat een IT-afdeling altijd weet hoe ze ervoor staan qua compliance. Het is enorm complex werk, waarbij diepgaande contractkennis is vereist. Daarom werken er in ons expertisecentrum in Boekarest specialisten die écht alles van bijvoorbeeld Oracle-contracten weten.’

Hoe ontwikkelt jullie vakgebied zich?
‘In software asset management (SAM), zoals het vakgebied wordt genoemd, is er nu een hele interessante ontwikkeling gaande. Het vakgebied wordt volwassener. Bedrijven die al langere tijd SAM inzetten, zien dat het inzicht dat het oplevert van waarde is voor de hele IT-organisatie. Een goede software-administratie levert namelijk een schat aan data op, waardoor je echt toekomstvoorspellingen kunt doen. Zo kunnen organisaties voorkomen dat ze in strijd handelen met hun softwarecontracten en kosten besparen, maar ook softwaregebruik optimaliseren en betere beslissingen nemen over bijvoorbeeld toekomstige aankopen. Ook zal SAM-data veel vaker een rol gaan spelen bij privacy- en securityvraagstukken. Dit soort ontwikkelingen zorgen ervoor dat de vraag naar SAM-dienstverleners zoals B-lay toeneemt en dat de hele sector hard groeit, zoals een recent Gartner-rapport uitwees. Wij merken dat zelf ook en hebben daarom recent een kantoor in Boston geopend, ons expertisecentrum in Boekarest flink uitgebreid en nieuwe medewerkers in Nederland aangenomen.’